TTIP & CETA in detail

Handelsverdragen zijn erg complex, en soms moeilijk te begrijpen. Zoekt u specifieke informatie rond TTIP en CETA? Bekijk onze antwoorden op veelgestelde vragen.

Wat is TTIP?

In juni 2013 initieerden de Amerikaanse president Obama en voorzitter van de Europese Commissie Barroso onderhandelingen voor een transatlantische handels- en investeringssamenwerking (TTIP). De naam legt de nadruk op het belang van handel, wat slechts een klein onderdeel is van de onderhandelingen. Het belangrijkste doel van TTIP is het gelijktrekken van regels in de breedste zin van het woord, regelingen en standaarden voor voedselveiligheid, consumentenbescherming, milieubescherming, biotechnologie, beheer van giftige chemische stoffen, financiele dienstverlening en banken, lokale dienstverlening, farmaceutische patent regels en veel meer terreinen in het algemeen belang. De overheden van de EU en VS zullen “het recht behouden om te reguleren” maar dit zal ernstig beperkt worden, door het overkoepelende belang voor internationale bedrijven om met minder belemmeringen te kunnen investeren.

De onderhandelingen over TTIP vinden plaats achter gesloten deuren, terwijl de overeenkomst verstrekkende gevolgen zal hebben voor de inwoners van de EU. Zelfs de samenstelling van de voorbereidende groep van de onderhandelingen en de bewoordingen van het onderhandelingsmandaat zijn geheim. Dit is onverenigbaar met democratische standaarden.

Desondanks zijn enkele documenten uitgelekt, die nog steeds worden beschouwd als uiterst geheim. Deze bevatten bepalingen met vergaande rechten voor particuliere bedrijven. Net als speciale rechten voor bedrijven om aanklachten in te dienen voor private arbitragecommissies (Investeerder-Staat-Dispuut-Schikking , ISDS), is gereguleerde  samenwerking specifiek problematisch. Daardoor zouden alle wetten of regels die een negatief effect kunnen hebben op handel tussen de partijen van het verdrag worden besproken met de partij van de overeenkomst en met belanghebbenden - eerder nog dan met het nationale parlement. Boven alles zouden vertegenwoordigers van grote bedrijven daardoor uitgenodigd worden om direct deel te nemen aan de discussies. Het gevolg: de implementatie van strengere wetgeving voor de bescherming van consumenten, milieu of werknemers zal in de toekomst veel moeilijker worden. En het verlagen van standaarden dreigt ook. Terwijl in een democratie nieuwe wetten gemaakt horen te worden door het parlement en niet door technocraten of lobbyisten.

Daarbij komt dat de Europese Commissie probeert overbodig te maken dat nationale overheden van de lidstaten moeten instemmen met de overeenkomst. Als TTIP ingaat - totaal buiten ons als burgers om - kan het dus zijn dat onze gekozen volksvertegenwoordigers uiteindelijk ook in het duister zijn gelaten. Daarbovenop komt dat een dergelijke overeenkomst praktisch onomkeerbaar is en daardoor de mogelijkheid voor onderhandeling ernstig beperkt voor toekomstige overheden en parlementen.

Wat zijn de gevolgen van de geplande handels- en investeringsverdragen tussen de EU en de VS?

TTIP zal een grote impact hebben op onze democratie, onze wetgeving, bescherming van milieu en consumenten, en zelfs op het aanbod aan publieke diensten zoals onze gezondheidszorg, onderwijs en cultuur.
TTIP zal regelgeving opleggen aan de VS en de EU, op elk niveau, van de nationale staat tot het lokaal bestuur. TTIP zal daarom van toepassing zijn op ongeveer 820 miljoen mensen. Het zal grote impact hebben op het bedrijfsleven, van de dienstensector tot publieke aanbestedingen, voor landbouw en industrie, maar ook op technische standaarden en intellectueel eigendom. Verder zullen bedrijven de mogelijkheid krijgen om de staat aan te klagen via private arbitragecommissies indien de staat instemt met wetten die een negatief effect hebben op de investeringen en winstverwachting van bedrijven.

Waarom wijst de alliantie TTIP af?

De onderhandelingen over TTIP vinden plaats achter gesloten deuren, terwijl de overeenkomst verstrekkende gevolgen zal hebben voor de inwoners van de EU. Zelfs de samenstelling van de voorbereidende groep van de onderhandelingen en de bewoordingen van het onderhandelingsmandaat zijn geheim. Dit is onverenigbaar met democratische standaarden.

Desondanks zijn enkele documenten uitgelekt, die nog steeds worden beschouwd als uiterst geheim. Deze bevatten bepalingen met vergaande rechten voor particuliere bedrijven. Net als speciale rechten voor bedrijven om aanklachten in te dienen voor private arbitragecommissies (Investeerder-Staat-Dispuut-Schikking , ISDS), is gereguleerde  samenwerking specifiek problematisch. Daardoor zouden alle wetten of regels die een negatief effect kunnen hebben op handel tussen de partijen van het verdrag worden besproken met de partij van de overeenkomst en met belanghebbenden - eerder nog dan met het nationale parlement. Boven alles zouden vertegenwoordigers van grote bedrijven daardoor uitgenodigd worden om direct deel te nemen aan de discussies. Het gevolg: de implementatie van strengere wetgeving voor de bescherming van consumenten, milieu of werknemers zal in de toekomst veel moeilijker worden. En het verlagen van standaarden dreigt ook. Terwijl in een democratie nieuwe wetten gemaakt horen te worden door het parlement en niet door technocraten of lobbyisten.

Daarbij komt dat de Europese Commissie probeert overbodig te maken dat nationale overheden van de lidstaten moeten instemmen met de overeenkomst. Als TTIP ingaat - totaal buiten ons als burgers om - kan het dus zijn dat onze gekozen volksvertegenwoordigers uiteindelijk ook in het duister zijn gelaten. Daarbovenop komt dat een dergelijke overeenkomst praktisch onomkeerbaar is en daardoor de mogelijkheid voor onderhandeling ernstig beperkt voor toekomstige overheden en parlementen.

Wat heeft het te maken met chloorkippen, genetisch gemanipuleerd voedsel en hormonen in vlees?

Het doel van de overeenkomst is om standaarden te “harmoniseren” voor producten en diensten in de EU en de VS, omdat het in de ogen van grote bedrijven “non-tarifaire handelsbelemmeringen” zouden zijn en geschrapt zouden moeten worden. Echter, op gebieden van landbouw en chemische industrie zijn de standaarden van een erg verschillend niveau. Zo is het in de VS toegestaan om chloor te gebruiken om kippen mee te desinfecteren, om vee met hormonen te behandelen en genetisch gemanipuleerde producten te verwerken in voedsel. In de toekomst zou het voor Amerikaanse landbouwconglomeraten ontzettend winstgevend zijn als ze deze producten ook in Europa zouden kunnen verkopen.

Dit is de reden dat ze erop aandringen om Europese standaarden te verlagen. Onze standaarden zijn echter gemaakt om bescherming te bieden aan consumenten, milieu en dieren en zouden niet door een handelsovereenkomst ongedaan moeten worden. De publieke discussie gaat juist over het verhogen van standaarden tegen de bio-industrie, het gebruik van chemicaliën en energiebeleid. TTIP en CETA zouden dit in gevaar brengen, omdat de introductie van zulke regels zou kunnen leiden tot aanklachten voor schade door bedrijven.

Wat betekent ISDS?

Investeerder-Staat-Geschillenbeslechtingsprocedure (‘Investor-State Dispute Settlement’ of: ‘ISDS’) is al stevig verankerd in vele overeenkomsten. Het voorziet buitenlandse investeerders in het recht om staten aan te klagen via private arbitragecommissies als de investeerders geloven dat ze onteigend, gediscrimineerd, of oneerlijk behandeld zijn. De bescherming tegen onteigening wordt echter in toenemende mate uitgebreid tot het punt dat ook wetten die vast werden gesteld voor de bescherming van consumenten of milieu, of wetten die bedoeld waren om andere publieke belangen te beschermen (“indirecte onteigening”) eronder vallen.

ISDS ontduikt het normale juridische proces en zodoende het vermogen om een beroep te doen op democratisch legitieme rechtbanken. De arbitrageprocedures voltrekken zich in het geheim, zelfs als het publieke belang sterk aangetast wordt, aangezien staten verplicht kunnen worden tot het betalen van grote financiële compensaties. Wij als belastingbetalers dragen hier de kosten voor. Het is niet mogelijk om in beroep te gaan. De mogelijkheid om aan te klagen via een ISDS geeft investeerders niet alleen de mogelijkheid om geldige wetten te betwisten. Slechts door middel van kennisgeving via dure arbitrageprocessen is het mogelijk om onbetamelijk druk uit te oefenen op de wetgeving.

Het aantal ISDS procedures is sterk toegenomen in de afgelopen jaren. Tegen het einde van 2012 waren er 568 van dit soort procedures, al is niet elke zaak bekend. In ongeveer 31 procent van alle zaken hebben de aanklagers gewonnen, in 26 procent is er een overeenkomst gesloten en in 43 procent heeft de staat die werd aangeklaagd gewonnen.[1] Dit betekent dat in bijna 60 procent van alle zaken de staat heeft moeten betalen (omdat ook een overeenkomst normaal gesproken betekent dat de staat moet betalen). Bijvoorbeeld, op dit moment heeft de Zweedse energiereus Vattenfall de Duitse overheid aangeklaagd op basis van het Energiehandvestverdrag, tegen het Duitse terugtrekken uit kernenergie en claimt 3,7 miljard euro schadevergoeding. Binnenlandse bedrijven, zoals RWE (een Duits nutsbedrijf), zijn niet in staat dit te doen. Deze arbitrageprocedures hebben hebben een stevige positie in de wereld van financiële speculatie. Gespecialiseerde financierders van zulke procedures nemen de kosten van de aanklacht op zich en krijgen een deel van een mogelijke vergoeding die later toegekend wordt, of een betaling als onderdeel van een overeenkomst.

[1] http://unctad.org/en/PublicationsLibrary/webdiaepcb2013d3_en.pdf

Wat betekent “Regulerende samenwerking”?

In de geheime teksten, die toch zijn gelekt naar het publiek, wordt gesproken over een “stapsgewijze implementatie van de gelijkschakeling van regulerende systemen”. Wat achter deze vage omschrijving zit, wordt duidelijker beschreven door de lobbygroepen, de Amerikaanse Kamer van Koophandel en BusinessEurope: “Belangengroeperingen zullen aan tafel zitten met de regelgevers, om samen wetten te schrijven” [1].  Dit houdt dus in dat belangengroeperingen die op geen enkele manier een democratisch gelegitimeerd zijn in een vroeg stadium nieuwe wetten of regels kunnen schrijven, of minstens beïe wetten kunnen voorstellen of belemmeren. Dit idee komt niet van de Europese Commissie. Het werd oorspronkelijk geformuleerd in een gezamenlijke paper van BusinessEurope en de Amerikaanse Kamer van Koophandel [2].

Een vanuit de Europese Commissie gelekt document geeft een indicatie van de manier waarop deze samenspraak zou moeten werken: een transatlantische regelgevende raad, met afgevaardigden van verschillende regelgevende organen. Er is dus geen sprake van inspraak door parlementen of burgers. Door een “early warning” systeem verwittigen de VS en de EU elkaar als er ideëen opduiken die de handel zouden kunnen beïnvloeden. Als de VS bijvoorbeeld schade zou ondervinden door een geplande maatregel kan het een officiële positie innemen, en kan het een analyse eisen van de impact van de maatregel op gebied van handel, en moet er overleg zijn tussen de vertegenwoordigers van de belangengroeperingen die schade zouden kunnen ondervinden. Maatregelen die bijvoorbeeld bepaalde producten verbieden omdat ze schadelijk zijn voor de gezondheid of het milieu kunnen geïnterpreteerd worden als “handelsbeperkingen”. Zelfs als een transatlantische regelgevende raad zelf geen bindende besluiten kan nemen en niet direct kan ingrijpen, zal dit  bureaucratische proces het wetgevende proces vertragen, of zelfs onmogelijk maken.

Zodoende beperkt en hindert gereguleerde samenwerking de onderhandelingsvrijheid van de wetgever, hetzij staat of burger, hetzij op staatsniveau of federaal niveau. Op middellange termijn beïnvloedt het ook de al bestaande wetten, omdat een volgende taak van een transatlantische regelgevende raad bedoeld is om de regels van de EU en de VS permanent gelijk te stellen. Er is het bijkomende gevaar dat vertegenwoordigers van grote bedrijven, die ver vooraf gewaarschuwd zijn voor geplande regelgeving en mogelijke gevolgen, kunnen dreigen met ISDS juridische processen als ze zien dat hun winstverwachtingen bedreigd worden.

[1] Quoted from Eberhardt, P., “Weniger Demokratie wagen? Geheimniskrämerei und Konzernlobbyismus prägen die transatlantischen Handelsgespräche” [Risking a reduction in democracy? Secretiveness and big business lobbying characterise the transatlantic trade discussions], in Martin Häusling (ed.), TTIP: No We Can’t, Wiesbaden, 2013, p. 17.

[2] US Chamber of Commerce/BusinessEurope 2012: Regulatory Cooperation in the EU-US Economic Agreement, October 2012, http://corporateeurope.org/sites/default/files/businesseurope-uschamber-paper.pdf.

 

Waarom zou het verdrag de facto onomkeerbaar zijn?

In de regel zijn internationale handelsverdragen de uitkomst van jarenlange onderhandelingen. De betrokken partijen zullen er alles aan doen om hun werk voort te zetten. Tenzij anders afgesproken, kunnen wijzigingen enkel doorgevoerd worden als alle onderhandelende partijen het eens zijn over de wijziging. Hier bovenop resulteert regelgeving rond investeren in lange termijnverplichtingen, die slechts na een opzegtermijn van minstens 5 jaar stopgezet kunnen worden.

Voor investeringen die gedaan zijn tot voor het moment van stopzetting blijft de overeenkomst nog eens 15 jaar geldig. Hierdoor zijn de regels van een handelsverdrag dus minstens 20 jaar geldig - een periode waarin normaal vier of vijf keer een nieuw parlement wordt gekozen, waarin de politieke meerderheid kan veranderen en waarin deze misschien een andere richting wil inslaan.

Wie beslist over deze handelsverdragen?

Dit is nog niet volledig beslist. De Duitse overheid gaat ervan uit dat TTIP en CETA gemengde verdragen zijn. Een gemengde overeenkomst komt voor wanneer delen van de overeenkomst bevoegdheden van de lidstaten raakt. Alle Europese lidstaten, ter uitbreiding van de Europese commissie, zouden zo’n gemengde overeenkomst moeten goedkeuren.

En vanuit het gelekte onderhandelingsmandaat van de EU kunnen we leren dat de onderhandelingen zullen gaan over onder andere portfolio-investeringen en intellectueel eigendom, welke bevoegdheden zijn van de lidstaten. [1] Een zuivere Europese overeenkomst zou enkel goedgekeurd moeten worden door de Europese commissie, het Europees Parlement en de ministerraad. Dit is de versie die uiteraard geprefereerd wordt door de Europese Commissie omdat de Commissie op die manier de inspraak van nationale regeringen kan omzeilen.

[1] Zie Sven Leif Erik Johannsen, Die Kompetenz der Europäischen Union für ausländische Direktinvestitionen nach dem Vertrag von Lissabon [The authority of the EU for foreign direct investments according to the Lisbon Treaty], augustus 2009, pagina 15.

Wat is de status van het handelsverdrag tussen de EU en Canada (CETA)?

Op 18 oktober 2013 kondigden voorzitter van de Europese Commissie José Manuel Barroso en de Canadese premier Stephen Harper aan dat er een consensus was bereikt over een handelsverdrag  tussen Canada en de EU (CETA). Er werd 4 jaar lang over onderhandeld, in de periode daarna werd herhaaldelijk gevraagd om meer details en juridische toetsing.
Sinds 5 augustus is er een tekst van dit handelsverdrag. Deze tekst is uiterst geheim, maar werd gelekt door de Duitse staatszender ARD. Deze tekst wordt nu in 23 talen vertaald en zal onderworpen worden aan een nauwkeurig wettelijke inspectie voor dat het ratificatieproces kan starten (op zijn vroegst in de herfst van 2015).

Net als bij TTIP zijn grote delen van CETA, dat geldt als een concept voor TTIP, onofficieel publiek bekend geworden. In CETA zien critici een herleving van het ACTA-verdrag, dat in 2012 na groot internationaal protest werd afgevoerd. Het Europees Parlement stemde met een grote meerderheid tegen. Net zoals TTIP gaat het CETA ver buiten de grenzen van een normaal handelsverdrag, door in te grijpen in regelgeving inzake publieke aanbestedingen, milieu, consumentenbescherming en voedingsstandaarden.
Net als TTIP is het nog niet helemaal duidelijk of dit een EU- of gemengde overeenkomst is.

CETA loopt ongeveer vier jaar voor op TTIP, en bevat dezelfde problematische regels. Van de ISDS (Investeerder-Staat-Dispuut-Schikking) tot gedeelde standaarden of het beïnvloeden van de regelgeving voor bedrijven. Dit is waarom dit Europees Burgerinitiatief (ECI) eist dat CETA wordt stopgezet. Zelfs als TTIP faalt omwille van het massale protest, zullen grote delen van TTIP toch via CETA in wet worden gegoten. Een voorbeeld: het is voldoende voor een Amerikaans bedrijf om een afdeling te hebben in Canada om een belangenconflict in te roepen tussen een Europese land en het bedrijf. Een conflict dat dan door een private arbitragecommissie wordt beslecht.

[1] http://www.spiegel.de/netzwelt/netzpolitik/abkommen-ceta-gleicht-acta-wortwoertlich-a-843826.html

 

Wat betekenen CETA en TTIP voor publieke diensten en publieke aanbestedingen?

Publieke diensten worden blijvend vastgelegd “op het hoogste niveau van privatisering”. Dit betekent dat als een publieke dienst is geprivatiseerd, het ontzettend moeilijk wordt om dit om te keren. Zelfs wanneer de meerderheid van de bevolking dit zou willen. CETA zorgt er ook voor dat Canadese bedrijven kunnen meedingen met publieke aanbestedingen in Europa. Momenteel kan dit enkel voor Europese bedrijven. Omgekeerd zijn de Canadese autoriteiten verplicht aanbestedingen te gunnen aan Europese bedrijven indien zij goedkoper zijn.

Dit wil dus zeggen dat publieke aanbestedingen nog meer ten prooi vallen aan de logica van de concurrentie en de vrije markt. Het ondersteunen van de lokale economie of sociaal-ecologische aanbesteding zal moeilijker worden en zelfs deels verboden worden.